Landaanwinning wordt Kwelderwerken
Al vanaf de 17e eeuw werd door boeren actief aan landaanwinning gedaan. Men groef sloten en greppels in het slik en maakte een kunstmatig afwateringsysteem om het slik sneller te laten opslibben en de aanwas van de kwelder te bevorderen. In 1927 werd het werk overgenomen door het Rijk maar de aanwas van de kwelder stagneerde. Af en toe gingen er zelfs stukken verloren. Daarom werd in 1935 overgegaan op een systeem met Rijshoutdammen rond bezinkvakken, in de vakken werden greppels gegraven. De vakken waren ongeveer 400x400 meter groot.
De methode was in gewijzigde vorm afkomstig uit Sleeswijk-Holstein waar vakken van 200x200 werden gebruikt. Het werk werd uitgevoerd door werklozen. Rond 1953 werd het tewerkstellingsproject beëindigd, machines namen het werk over. Vanaf 1965 werd het aanleggen van nieuw rijshout en het onderhoud aan de buitenste vakken gestaakt. Het buitendijkse gebied was niet meer rendabel en de natuurdoelstelling werd steeds belangrijker. In 1991 is vanwege de nieuwe doelstelling de naam "Landaanwinning" veranderd in "Kwelderwerken".
Teruglopend oppervlak aan pionierbegroeiing
Na het beëindigen van de landaanwinnigswerken bleek halverwege de jaren 70 het oppervlakte aan pioniervegetatie achteruit te gaan. Vanaf 1986 werd daarom een groot aantal bezinkvakken met een extra rijshoutdam versmald tot 200 meter. Na de ingreep begond de pionierzone zich weer uit te breiden. Rond 1997 werd ook het onderhoud aan de begreppeling beëindigd. Alleen enkele hoofdafwateringen worden nog tot aan de pionierzone onderhouden. Nadeel van de kwelder met rijshout en greppels is de overgedimensioneerde onnatuurlijke waterafvoer.
Er zijn proeven gedaan om een meer natuurlijk krekenpatroon te krijgen maar het voormalige greppelpatroon met rechte hoeken krijgt steeds weer de overhand. Het zit volledig in de structuur van de bodem verankerd. Om de pionierzone te beschermen wordt het rijshout van de huidige buitenste vakken nog onderhouden. Op de hoger gelegen delen van de kwelder is geen rijshout meer te vinden, het is door opslibbing onder de grond verdwenen.
Natuur- en kustbescherming
De kwelder is van belang als extra buffer voor de Friese zeedijken. Het begroeide stuk land zorgt voor een sterke demping van golfslag tijdens storm, het rijshout voorkomt afslag. Daarnaast is de kwelder is aangewezen als Natura 2000 gebied, bescherming van de natuur is de hoofdoelstelling geworden. Het nadeel van het rijshout is dat er weinig hoogteverschillen ontstaan, de ontwikkeling van een natuurlijk profiel met kwelderwallen en bekkens komt niet op gang.
De successie gaat onverminderd door, een steeds groter deel van de kwelder komt in het climaxstadium met Zeekweek. Door de verruiging nemen de biodiversiteit en de broedmogelijkheden voor vogels af. Met begrazing probeert men de veroudering te vertragen. In de praktijk zijn beide doelstellingen moeilijk met elkaar te verenigen.
Voor het maken van het schema: (zelf aangevuld met beeld voor 2006 en 2020)
- Kamps 1956
- Dijkema et al. 2011. 10, fig.1.1
- Topo tijdreis (zd.) Kaarten van 1920 tot 2000 & Luchtfoto's 2006 tot heden